

Een auto of bus voor je onderneming trek je niet in één keer af van je winst. Je schrijft hem af: je verdeelt de aanschafprijs min de verwachte restwaarde over de jaren dat je hem gebruikt. Per jaar mag dat hooguit 20% van de aanschafprijs zijn.
Bij financial lease doe je dat zelf, want je onderneming is economisch eigenaar van de auto en zet hem op de balans. Van je maandtermijn trek je daarnaast alleen de rente af, want met de aflossing betaal je de auto af die je via de afschrijving al als kosten boekt.
Hieronder rekenen we alles door met één voorbeeld: een bestelbus van € 30.000 zonder btw die je vijf jaar gebruikt, gefinancierd met financial lease.
Afschrijven in het kort
| Wat is het? | De aanschafprijs van een zakelijke auto of bus als kosten verdelen over de jaren dat je hem gebruikt |
| Berekening | Aanschafprijs min restwaarde, gedeeld door de gebruiksduur |
| Maximum | 20% van de aanschafprijs per jaar |
| Aanschafprijs | Zonder btw als je de btw aftrekt, met btw als dat niet kan |
| Eerste jaar | Vanaf het moment dat je de auto gebruikt, naar rato van de maanden |
| Bij financial lease | Jij schrijft af als economisch eigenaar; van de termijn trek je alleen de rente af |
| Bij verkoop | Het verschil tussen verkoopprijs en boekwaarde is winst of verlies |
| Willekeurig afschrijven | In 2026 alleen voor starters en voor milieu-investeringen, onder voorwaarden |
Al een auto of bus op het oog?
Stuur ons het kenteken of de advertentielink en je KvK-nummer. Dan rekenen we uit wat er mogelijk is en welk maandbedrag daarbij hoort.
Vraag een vrijblijvende offerte aan →Binnen 24 uur een concreet voorstel, zonder bemiddelingskosten.
Daarvoor gelden twee voorwaarden: de auto hoort bij je onderneming, en je onderneming is de eigenaar. Bij een eenmanszaak of vof en bij lease is dat niet vanzelfsprekend.
Bij een bv is dat eenvoudig: een bv heeft geen privévermogen, dus een auto van de bv staat op de balans van de bv. Bij een eenmanszaak of vof hangt het af van het gebruik. Rijd je de auto voor 90% of meer zakelijk, dan hoort hij in elk geval bij je onderneming. Rijd je hem voor 90% of meer privé, dan is het een privéauto die je niet afschrijft. Daartussen mag je in de meeste gevallen zelf kiezen, en die keuze kun je later alleen onder voorwaarden herzien.
Bij financial lease is je onderneming vanaf de aanschaf economisch eigenaar, terwijl de financier juridisch eigenaar blijft tot alles is afgelost. Voor de belasting telt het economische eigendom: de auto komt als bezit op je balans, met de financiering als schuld ertegenover, en je schrijft hem af alsof je hem contant had betaald.
Bij operational lease ligt dat anders. Daar is de leasemaatschappij eigenaar en schrijft zij de auto af, en jij boekt de leasetermijnen als kosten.
Afschrijving is dus geen voordeel van financial lease zelf: koop je de auto met eigen geld, dan schrijf je hetzelfde af. Het fiscale verschil tussen contant kopen en financial lease zit in de rente. Die trek je af als kosten, maar je betaalt hem eerst zelf, en via de belasting krijg je er maar een deel van terug. Financieren is fiscaal dus niet voordeliger dan contant betalen; een goede reden om het toch te doen, is dat je je eigen geld liever in je onderneming houdt.
De afschrijving per jaar is de aanschafprijs min de restwaarde, gedeeld door het aantal jaren dat je de auto verwacht te gebruiken. De aanschafprijs volgt grotendeels uit de factuur, maar de restwaarde en de gebruiksduur schat je zelf, en die schatting moet je kunnen onderbouwen.
Je gaat uit van de prijs die je voor de auto betaalt, plus bijkomende kosten zoals afleverkosten en de kosten om hem bedrijfsklaar te maken. Kortingen en subsidies trek je eraf, ook als je die pas achteraf krijgt.
Of de btw meetelt, hangt af van je recht op aftrek. Kun je de btw op je zakelijke auto terugvragen, dan schrijf je af over de prijs zonder btw: bij de bus uit ons voorbeeld € 30.000. Kun je de btw niet aftrekken, bijvoorbeeld omdat je de kleineondernemersregeling gebruikt, dan schrijf je af over de prijs met btw, hier € 36.300. Bij een marge-auto staat er geen btw op de factuur en neem je de volledige prijs.
De restwaarde is wat de auto naar verwachting nog waard is op het moment dat je hem niet meer voor je onderneming gebruikt. Dat is een schatting, die je volgens de Belastingdienst samen met de leverancier kunt maken. Je kunt ook kijken wat vergelijkbare auto’s nu opbrengen die zo oud zijn als jouw auto aan het einde van de gebruiksduur, met ongeveer de kilometerstand die je dan verwacht. Bewaar bij je administratie hoe je aan het bedrag bent gekomen, bijvoorbeeld met een paar advertenties of de inschatting van de dealer.
De gebruiksduur is het aantal jaren dat je de auto verwacht te gebruiken. In principe is dat de technische levensduur, maar je mag uitgaan van de kortere economische levensduur: de periode waarin de auto nog nut heeft voor je onderneming. Ben je van plan een bus na vijf jaar te vervangen, dan reken je met vijf jaar, ook als hij technisch langer meegaat.
De looptijd van je financiering speelt daarbij geen rol. Financier je een bus over 72 maanden en verwacht je hem acht jaar te gebruiken, dan schrijf je hem af over acht jaar.
Stel dat je een bestelbus van € 30.000 zonder btw koopt, de btw aftrekt en de bus vijf jaar wilt gebruiken. Je schat dat hij daarna nog € 6.000 opbrengt.
Rekenvoorbeeld: bestelbus van € 30.000
| Aanschafprijs zonder btw | € 30.000 |
| Verwachte restwaarde na vijf jaar | € 6.000 |
| Af te schrijven | € 24.000 |
| Gebruiksduur | 5 jaar |
| Afschrijving per jaar | € 4.800 |
Dat is 16% van de aanschafprijs per jaar, dus binnen de grens van 20%. Je schrijft elk jaar hetzelfde bedrag af; dat heet lineair afschrijven en is de gebruikelijke manier. Na vijf jaar staat de bus nog voor € 6.000 in je boeken; dat bedrag, de aanschafprijs min alles wat je al hebt afgeschreven, heet de boekwaarde.
Je begint met afschrijven zodra je de auto voor je onderneming gebruikt, en in het eerste jaar alleen over de maanden dat je hem had. Gebruik je de bus vanaf 1 juli, dan schrijf je dat jaar zes twaalfde van € 4.800 af, dus € 2.400, en loopt de afschrijving door tot halverwege het zesde kalenderjaar. In de voorbeelden hieronder begint de bus op 1 januari, zodat elk jaar een volledig jaar is.
Je mag per jaar hooguit 20% van de aanschafprijs afschrijven. Die grens staat in de Wet inkomstenbelasting 2001 en geldt via de vennootschapsbelasting ook voor een bv. Je leest soms dat je een auto in vijf jaar moet afschrijven, maar de wet noemt geen aantal jaren, alleen dit maximum per jaar.
| Bus van € 30.000 | Berekend per jaar | Mag je afschrijven |
|---|---|---|
| 5 jaar, restwaarde € 6.000 | € 4.800 (16%) | € 4.800 |
| 4 jaar, restwaarde € 6.000 | € 6.000 (20%) | € 6.000 |
| 3 jaar, restwaarde € 12.000 | € 6.000 (20%) | € 6.000 |
| 3 jaar, restwaarde € 6.000 | € 8.000 (27%) | € 6.000, de rest bij verkoop |
Met gewone afschrijving kan drie jaar dus alleen als de auto na drie jaar realistisch nog minstens 40% van de aanschafprijs waard is. Verwacht je dat hij minder opbrengt, dan blijf je steken op € 6.000 per jaar. Na drie jaar staat de bus dan nog voor € 12.000 in de boeken. Verkoop je hem dan voor € 6.000, dan boek je in dat jaar € 6.000 verlies. Zo trek je het deel dat je door de grens van 20% niet kon afschrijven alsnog af, in het jaar van de verkoop.
Je maandtermijn bestaat uit rente en aflossing, en alleen de rente boek je als kosten. Zou je ook de aflossing aftrekken, dan trek je de auto twee keer af: één keer via de afschrijving en nog een keer via de aflossing.
Stel dat je de bus uit het voorbeeld financiert: € 30.000 over 60 maanden, zonder aanbetaling en zonder slottermijn, tegen 9,49%. Dat is de rente in ons aanbod bij een leasebedrag boven € 25.000; je eigen voorstel kan afwijken, afhankelijk van de auto en je kredietprofiel als ondernemer. De termijn is dan € 629,91 per maand, of € 7.559 per jaar, en in de tabel zie je welk deel je daarvan als kosten boekt.
| Jaar | Afschrijving | Rente | Samen als kosten |
|---|---|---|---|
| 1 | € 4.800 | € 2.637 | € 7.437 |
| 2 | € 4.800 | € 2.149 | € 6.949 |
| 3 | € 4.800 | € 1.612 | € 6.412 |
| 4 | € 4.800 | € 1.023 | € 5.823 |
| 5 | € 4.800 | € 375 | € 5.175 |
| Totaal | € 24.000 | € 7.795 | € 31.795 |
Bedragen afgerond op hele euro’s; de totalen zijn berekend met de onafgeronde bedragen.
Over vijf jaar betaal je € 37.795 aan termijnen en trek je € 31.795 af. Het verschil van € 6.000 is de restwaarde: dat deel van de bus heb je wel betaald, maar het is geen kostenpost zolang de bus het nog waard is. Verkoop je hem na vijf jaar voor € 6.000, dan vallen opbrengst en boekwaarde tegen elkaar weg.
De rente daalt elk jaar, omdat je schuld kleiner wordt. Voor je aangifte heb je daarom per jaar het rentebedrag nodig; dat staat in het aflossingsschema van je financier, en heb je dat niet gekregen, vraag er dan om.
Investeringsaftrek is een aparte regeling: een extra aftrek in het jaar waarin je investeert, bovenop de afschrijving. Het bedrag waarover je afschrijft, verandert er niet door. Een bestelbus kan meetellen voor de investeringsaftrek voor kleine investeringen (KIA), als het totaal dat je dat jaar investeert binnen de onder- en bovengrens van die regeling valt. Een personenauto die niet voor beroepsvervoer bedoeld is, is uitgesloten.
Een slottermijn verandert niets aan je afschrijving, want die hangt aan de auto en niet aan de manier waarop je hem betaalt. Je schuift er wel een deel van de aflossing mee naar het einde van het contract, waardoor je meer rente betaalt en er aan het einde nog een bedrag openstaat.
Neem dezelfde bus met een slottermijn van € 9.000. Je termijn daalt naar € 512,11 per maand, maar je betaalt over vijf jaar € 9.727 rente in plaats van € 7.795. Die € 1.932 extra rente is aftrekbaar, maar het blijft een kostenpost die je eerst zelf betaalt: via de belasting krijg je er maar een deel van terug.
Een slottermijn is geen restwaarde
De restwaarde is jouw schatting van wat de bus na vijf jaar waard is: € 6.000. De slottermijn is wat je dan nog aan de financier moet betalen: € 9.000. Klopt je schatting, dan brengt de bus bij verkoop € 6.000 op en leg je € 3.000 bij om de financiering af te lossen. In je boeken zie je daar geen verlies van terug, want daar stond de bus al voor € 6.000. Kies een slottermijn daarom liever niet hoger dan de waarde die je aan het einde realistisch verwacht.
Verkoop je de auto, dan stop je met afschrijven. Je vergelijkt de verkoopprijs zonder btw met de boekwaarde op dat moment. Is de opbrengst hoger, dan tel je het verschil als boekwinst bij je winst op; is hij lager, dan boek je het verschil als verlies.
Verkoop na drie jaar
| Aanschafprijs zonder btw | € 30.000 |
| Afgeschreven in drie jaar (3 × € 4.800) | € 14.400 |
| Boekwaarde na drie jaar | € 15.600 |
| Verkoopprijs zonder btw | € 17.000 |
| Boekwinst | € 1.400 |
Brengt de bus € 14.000 op, dan is het een boekverlies van € 1.600, dat je winst in dat jaar verlaagt.
Over de hele periode trek je zo af wat de bus je netto heeft gekost. Bij een verkoop voor € 17.000 is dat € 13.000 (€ 30.000 min € 17.000), en dat is ook wat overblijft van € 14.400 afschrijving min € 1.400 boekwinst. Een te hoge of te lage restwaarde verandert dat totaal dus niet. Hij verschuift alleen het jaar waarin je de aftrek krijgt, en dat kan uitmaken voor de belasting die je betaalt, bijvoorbeeld als je winst van jaar tot jaar sterk wisselt.
Bij de verkoop van je leaseauto los je met de opbrengst eerst de financiering af. Verkoop je de bus na drie jaar voor € 17.000 zonder btw, dan staat er zonder slottermijn nog € 13.721 open. Na het aflossen houd je ongeveer € 3.279 over, of minder als je financier voor eerder aflossen een vergoeding rekent. Dat bedrag is iets anders dan de boekwinst van € 1.400, die je bij je winst optelt. Had je een slottermijn van € 9.000 afgesproken, dan staat er na drie jaar nog € 18.604 open en leg je bij dezelfde verkoop € 1.604 bij.
Wil je na de verkoop een andere auto of bus kopen, dan kun je een boekwinst onder voorwaarden in een herinvesteringsreserve zetten. Je moet dan van plan zijn te herinvesteren, en dat doen in het jaar van de verkoop of in de drie jaar daarna. De winst gaat af van de aanschafprijs van je volgende auto, zodat je daarop minder afschrijft en de belasting later betaalt. Koop je na de verkoop voor € 17.000 een nieuwe bus van € 35.000, dan schrijf je die af over € 33.600.
Kreeg je voor de auto investeringsaftrek, dan kan bij een verkoop binnen vijf jaar na het begin van het jaar van aankoop een deel daarvan terugkomen: de desinvesteringsbijtelling. Die geldt als je dat jaar voor meer dan € 2.900 aan bedrijfsmiddelen verkoopt.
Haal je de auto uit een eenmanszaak of vof naar privé, dan werkt dat voor de belasting als een verkoop. Je rekent dan met de waarde in het economische verkeer: wat de auto op dat moment bij een normale verkoop opbrengt. Neem je de bus na vijf jaar mee naar privé en brengen vergelijkbare bussen dan € 8.000 op, dan tel je € 2.000 boekwinst bij je winst op. Heb je bij de aankoop btw afgetrokken, dan reken je zowel bij een verkoop als bij het overbrengen naar privé btw, over de verkoopprijs of over die waarde.
Bij willekeurige afschrijving bepaal je zelf wanneer je afschrijft, dus sneller of juist later dan de gewone verdeling. In 2026 kan dat alleen binnen twee regelingen, die voor startende ondernemers en die voor milieu-investeringen, en een gewone personenauto op benzine, diesel of stroom valt onder geen van beide. De tijdelijke regeling waarmee je in 2023 tot 50% willekeurig kon afschrijven, geldt niet voor een auto die je nu koopt.
Startende ondernemer
Voor een eenmanszaak, vof, maatschap of cv, als je voldoet aan de voorwaarden van de startersaftrek. Alleen op bedrijfsmiddelen die je koopt in de jaren waarin je startersaftrek kunt krijgen of het jaar daarvoor, en die meetellen voor investeringsaftrek: wel een bestelbus, geen gewone personenauto. Er geldt hetzelfde maximum als bij de KIA, maar zonder de ondergrens.
Milieu-investering (Vamil)
Bedrijfsmiddelen op de Milieulijst mag je voor 75% willekeurig afschrijven. Een elektrische bestelauto en een elektrische personenauto staan in 2026 niet meer op die lijst, dus voor een elektrische bus geldt dit niet.
Stel dat je als starter in je eerste jaar € 18.000 op de bus afschrijft in plaats van € 4.800. Dan heb je in de jaren daarna € 13.200 minder af te schrijven. Je mag de aftrek ook uitstellen, bijvoorbeeld als je winst in je startjaar nog laag is en dezelfde aftrek later meer belasting scheelt.
In het Belastingplan 2027 stelt het kabinet voor om de willekeurige afschrijving voor starters per 1 januari 2028 af te schaffen. De startersaftrek daalt volgens dat plan in 2027 al naar € 10 en verdwijnt een jaar later. Het is nog geen wet, maar wil je met afschrijven wachten tot na 2027, vraag dan eerst na of dat na een afschaffing nog kan.
Je boekhouder verwerkt de afschrijving in je jaarcijfers, maar de gebruiksduur en de restwaarde kies je het best al bij de aankoop. Dan weet je vooraf wat de auto je per jaar kost en wat er bij een verkoop gebeurt.
Rekenen aan een auto of bus voor je onderneming?
Stuur ons het kenteken of de advertentielink en je KvK-nummer. Dan rekenen we uit welk maandbedrag bij de financiering hoort, met of zonder slottermijn.
Vraag een vrijblijvende offerte aan →Binnen 24 uur een concreet voorstel, zonder bemiddelingskosten. Of bel ons op 053 430 4117.
Ja, dat werkt op dezelfde manier als bij een nieuwe auto. Je gaat uit van wat je ervoor betaalt en van het aantal jaren dat je hem nog verwacht te gebruiken. Koop je een marge-auto van € 18.000 die je vier jaar wilt gebruiken en daarna op € 6.000 schat, dan schrijf je € 3.000 per jaar af. Ook voor een gebruikte auto geldt de grens van 20% van de aanschafprijs per jaar.
Meestal niet. Een auto schrijf je af over de jaren dat je hem gebruikt, met hooguit 20% van de aanschafprijs per jaar. In één keer als kosten boeken kan bij bedrijfsmiddelen van minder dan € 450. De uitzondering is de willekeurige afschrijving voor starters met een eenmanszaak, vof, maatschap of cv: daarmee kun je een bestelbus ook grotendeels in één jaar afschrijven. Een gewone personenauto valt daar niet onder.
Niet zolang hij tot je privévermogen hoort. Dan trek je in 2026 € 0,25 per zakelijke kilometer af van je winst. Dat is een vast bedrag: de werkelijke kosten van de auto, zoals brandstof, verzekering en waardeverlies, trek je daarnaast niet af. Rijd je de auto voor meer dan 10% zakelijk, dan mag je hem bij een eenmanszaak of vof in de meeste gevallen ook tot je onderneming rekenen en wel afschrijven. Die keuze kun je later alleen onder voorwaarden herzien.
Een bv volgt voor de afschrijving dezelfde regels als een eenmanszaak, op twee punten na. De willekeurige afschrijving voor starters bestaat alleen voor een eenmanszaak, vof, maatschap of cv. En rijdt de dga ook privé in de auto, dan loopt de bijtelling via het loon van de dga.
Ja. Zolang de auto bij je onderneming hoort, schrijf je hem volledig af; het privégebruik verreken je apart via de bijtelling. Met aantoonbaar niet meer dan 500 kilometer privé per jaar geldt die bijtelling niet. Ben je ondernemer in de inkomstenbelasting, dan is de bijtelling niet hoger dan je autokosten van dat jaar, inclusief de afschrijving. Bij veel privégebruik kan de bijtelling die kosten helemaal wegstrepen, en dan levert de afschrijving je dat jaar per saldo niets op.
Nee, de afschrijving loopt gewoon door. Los je eerder af, dan betaal je minder rente en trek je dus ook minder rente af. Houd er wel rekening mee dat een financier bij eerder aflossen een vergoeding of de resterende rente kan rekenen; wat het jou kost, hangt af van de voorwaarden in je contract.
Dan stop je met afschrijven zodra de boekwaarde gelijk is aan de restwaarde. De auto blijft daarna voor dat bedrag in je boeken staan tot je hem verkoopt of wegdoet. Het verschil met de verkoopprijs is dan winst of verlies.
Wil je weten wat een auto of bus je per maand kost als je hem financiert? Stuur ons het kenteken of de advertentielink, dan rekenen we het vrijblijvend voor je uit.
Kies het platform waar je onze beoordelingen wilt bekijken.